Vastgoed verhuren aan uw eigen vennootschap: wat mag en waar ligt de grens?

Boekhouding & fiscaliteit

Wanneer u als bedrijfsleider eigenaar bent van een gebouw of een stuk grond, kan u dit verhuren aan uw eigen vennootschap, op voorwaarde dat het pand effectief wordt gebruikt voor de economische activiteiten van de vennootschap.

Deze techniek wordt vaak gebruikt om inkomsten uit de vennootschap op een andere manier te structureren. Toch zijn er duidelijke regels en beperkingen waar u rekening mee moet houden.

Waarom is dit anders dan een wedde?


Een vergoeding als bedrijfsleider wordt beschouwd als beroepsinkomen. 
Dat betekent dat u:

  • personenbelasting betaalt (progressieve tarieven)
  • sociale bijdragen verschuldigd bent


Wanneer uw vennootschap u huur betaalt voor een onroerend goed, wordt dit beschouwd als een onroerend inkomen.

Dit heeft twee belangrijke gevolgen:

  • er zijn geen sociale bijdragen verschuldigd
  • u geniet van een forfaitaire kostenaftrek in de personenbelasting 

Hierdoor lijkt het op het eerste gezicht interessanter om (een deel van) de inkomsten via huur te laten verlopen.

Kan u uw wedde dan volledig vervangen door huur?

Dit is een logische vraag, maar hier heeft de fiscus duidelijk op geanticipeerd.

De huur die u aan uw eigen vennootschap mag aanrekenen is namelijk beperkt. Deze grens wordt berekend op basis van het kadastraal inkomen van het pand, en meer bepaald het gedeelte dat beroepsmatig wordt gebruikt.

Wanneer de betaalde huur hoger ligt dan deze grens, wordt het surplus beschouwd als beroepsinkomen en belast als een wedde.

Hoe wordt de maximale huur bepaald?

De huur die je mag vragen aan uw eigen vennootschap wordt beperkt op basis van het kadastraal inkomen (KI) van het betreffende onroerend goed. De grens wordt berekend door het KI (beperkt tot het verhuurde deel van het pand) te vermenigvuldigen met 5/3 en 5,75 (deze laatste coëfficiënt wordt jaarlijks geïndexeerd). Wanneer u meer huur uitbetaalt dan het resultaat van deze formule, wordt het surplus beschouwd en belast als wedde.

Een voorbeeld

Uw woning heeft een kadastraal inkomen van 1.200 €. Het beroepsmatig gebruikte deel bedraagt 20% dus 240 €. De maximale huur bedraagt dan 2.300,00 € voor 2026 (240 x 5.75 x 5/3). Ontvang je meer dan 2.300 € huur per jaar, dan wordt het surplus belast als wedde.

Wat als het gebouw mede-eigendom is van uw partner?

Wanneer het gebouw mede-eigendom is van uw partner, heeft die ook recht op een deel van de huurinkomsten.

Indien uw partner geen bedrijfsleider is in de vennootschap, geldt de beperking op de huur enkel voor uw deel van de inkomsten. Het aandeel van uw partner wordt niet op dezelfde manier beperkt.

Wanneer kan deze structuur interessant zijn?

Het verhuren van vastgoed aan uw vennootschap kan interessant zijn wanneer:

  • de vennootschap het pand effectief gebruikt
  • de huur binnen de wettelijke grenzen blijft
  • de structuur past binnen uw bredere financiële situatie 

Het is dus geen standaardoplossing, maar een keuze die best in een ruimer kader bekeken wordt.

Conclusie

Het verhuren van vastgoed aan uw eigen vennootschap kan een interessante manier zijn om inkomsten anders te structureren. Tegelijk zijn er duidelijke grenzen opgelegd door de fiscus om misbruik te vermijden.

Een correcte toepassing vereist daarom altijd een afstemming op uw concrete situatie.

Meer weten?

Wilt u nagaan of deze structuur interessant is voor uw onderneming?

Onze Accountancy Advisors bekijken dit graag samen met u en helpen u verder met een aanpak die past binnen uw situatie.